Regels

Regels

Gummy regels

We spelen zaterdag en zondag op basis van Strokeplay + Handicapverrekening. Alle slagen worden geteld, inclusief strafslagen. Dit is de bruto score. Aan het einde wordt de handicap verrekend en volgt de netto score. De speler met de laagste netto score mag zichzelf de winnaar noemen!

Op de green

1. Bij een putt vanaf de green mag de vlag in de hole blijven; er volgt geen straf als de bal de vlaggenstok raakt.


2. Een bal die klem zit tussen de vlaggenstok en de rand van de hole, is uitgeholed.


3. Geen straf als je de bal of marker op de green per ongeluk beweegt. Je moet de bal terugplaatsen.


4. Beweegt de bal op de green uit zichzelf (bijvoorbeeld door wind), dan moet de bal van zijn nieuwe plek worden gespeeld. Maar als de bal beweegt nadat hij is gemarkeerd, opgenomen en teruggeplaatst, moet je hem terugplaatsen.


5. Je mag op je speellijn op de green bijna alle mogelijke schade herstellen.

Bij het zoeken en bij de bal in beweging

1. Geen straf als je je bal beweegt bij het zoeken of identificeren. Je moet de bal terugplaatsen.


2. Je hoeft niet te melden dat je de bal gaat identificeren. Je moet de bal wel markeren.


3. Je mag maximaal 3 minuten zoeken naar je bal.


4. Geen straf als je bal per ongeluk jezelf of je uitrusting raakt.


5. Geen straf bij een double hit (als je de bal per ongeluk twee keer of vaker raakt). Speel de bal hierna zoals die ligt.

Bij droppen

1. Droppen moet vanaf kniehoogte (de hoogte van je knie als je staat) en niet hoger of lager.


2. Afhankelijk van de regel is een dropzone (waar je moet droppen) één of twee stoklengtes groot.


3. De dropzone mag je meten met de langste club in je tas, maar niet met je putter.


4. Bij het droppen moet de bal in de dropzone landen en tot stilstand komen.


5. Als je de bal opneemt om te droppen, mag je een andere bal uit je tas pakken.

Bij hindernissen

In een hindernis (rode of gele palen) mag je zonder straf het water of de grond aanraken. Je mag ook losse natuurlijke voorwerpen verwijderen (blaadjes, takjes) en een oefenswing maken.

Bij bunkers

1. In een bunker mag je losse natuurlijke voorwerpen verwijderen en je mag het zand aanraken met je club, maar je mag de bunker niet ‘testen’. Je mag niet het zand vlak voor of achter je bal aanraken, ook niet in de backswing van je slag of bij een oefenswing.


2. Bij een lastige positie in een bunker is er een extra optie: de bal onspeelbaar verklaren en met twee strafslagen droppen buiten de bunker achter de plek waar je bal lag op de rechte lijn die loopt vanaf de hole door de plek waar je bal lag. De dropzone is een clublengte.

Bij bal ingebed, verloren of out of bounds

1. Je mag de bal zonder straf droppen als hij is ingebed (behalve als hij is ingebed in zand).


2. Banen kunnen een local rule laten gelden die toestaat dat je een bal dropt, met bijtelling van twee strafslagen, in de buurt van de plaats waar de bal verloren is of out of bounds is geraakt. Check de local rules op de baan waar je gaat spelen.

Meest voorkomende strafslagen

Je krijgt één strafslag in de volgende situaties:

1. je bal komt buiten de baan (out of bounds).


2. je bal is verloren (je kunt je bal niet identificeren of vinden).


3. je bal ligt in een hindernis en je wilt de hindernisregel toepassen.


4. je bal verrolt bij het weghalen van een los natuurlijk voorwerp op de fairway of in de rough.


5. je beweegt per ongeluk je eigen bal (behalve bij het zoeken, dan krijg je geen strafslag).


6. je pakt een bal op om deze te identificeren maar de bal is niet gemerkt.

Je krijgt twee strafslagen in de volgende situaties:

1. je hebt per ongeluk je bal bewogen en zonder de bal terug te plaatsen en je slaat de bal (je speelt dan van de verkeerde plaats).


2. je geeft of vraagt advies aan je medespeler.


3. je haalt zand of losse aarde weg op de fairway of in de rough.